
Snellen van Vollenhoven, J.S.
De tocht gaat te voet. Ze vertrekken wel per trein uit Gleiwitz, maar al in Jägerswald moeten allen na een dag de trein verlaten. De spoorlijn is door Russen (partisanen?) bezet. Er volgt een hevige beschieting door partisanen.<br/>Tijdens de vlucht verder overnachten ze in fabrieken, barakken, bioscopen, schouwburgen en steengroevene. Ook doen een gevangenis, een bunker, een kazerne en de onderaardse gewelven van een burcht dienst als slaapplaats. In Landeshut slapen ze in een berggroeve, waar gebrek aan lucht paniek veroorzaakt en vele slachtoffers maakt. In een klein concentratiekamp bij Reichenbach en Oberlangbilau blijven ze bijna twee weken en hier spitst de strijd tussen "politieken" en beroepsmisdadigers zich verder toe. Vervolgens in een leeg arbeiderskamp bij Landeshut. Tenslotte bij Hirschberg aangekomen, wordt het wel duidelijk, dat de SS, verstoken van directe orders en van verbinding met superieuren, min of meer aan het dolen is geraakt en niet goed weet waar met de gevangenen heen te gaan. Een Hauptmann van de Wehrmacht, behorende tot de O.T. neemt hen dan onder zijn hoede. Na hen een paar dagen in een bijna geheel ontruimd kamp te Hirschberg vrij goed behandeld te hebben, stuurt hij hen, tesamen met de gevangenen, die zich nog in het kamp bevinden (allen joden), naar een kamp in Greiffenberg, waar zij, eveneens onder de (onaangename) leiding van de O.T. maar met SS-bewaking, moeten werken. Naarmate de algemene desorganisatie toeneemt, wordt de bewaking slapper en men vertrekt na ruim twee weken vluchtend voor de Russen naar Göppersdorf bij Liebental. Daar werken zij voor de O.T. tot 7 mei 1945, vluchten dan opnieuw, maar worden 9 mei bij Reichenberg door de Russen ingehaald en bevrijd.
- Snellen van Vollenhoven, J.S.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-617
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer





