
De oorlog in ons land. 10 - 15 mei '40
De auteur vertelt vooral over de eerste dagen van de oorlog. Hij gaat met een paar mensen, die op de dag van de inval op zijn werk (een drukkerij) aanwezig zijn het dak op. Hij ziet dat het vliegveld Ypenburg zwaar getroffen wordt. De krant die ze die dag drukken kan niet vervoerd worden. Bussen vol met gewonde soldaten komen naar het ziekenhuis rijden. De Duitsers proberen het Malieveld te bombarderen, waarbij een gevangenis en een ziekenhuis worden getroffen. Men moet evacueren. In het gehele land wordt hevig gevochten, maar na 5 dagen tegenstand moet de strijd worden opgegeven. Rotterdam is gebombardeerd. Dit gebeurt mei 1943 weer, maar dan door de Amerikanen. Ter sprake komt de meldingsplicht voor oud-militairen, het wegvoeren van joden, de slechte voedselvoorziening, de inleveringsplicht van radiotoestellen en de arbeidsinzet. De drukkerij waar de auteur werkt wordt gesloten. De geallieerden rukken op in Afrika.
- Smit, Wout
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-1257
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer





