
Een Indonesië-weigeraar vertelt zijn verhaal, Jan Maassen over strijd en gevangenschap
Als hij september 1950 de opdracht krijgt zich na verlof in te schepen voor Indonesië, duikt hij onder bij buren in Amsterdam. Hij meldt zich na enkele weken. Als hij weigert te zeggen waar hij heeft gezeten wordt hij naar Schoonhoven gebracht en opgesloten. Hier treft hij lotgenoten. Ze slapen in een kleine ruimte. Na enkele weken wordt de behandeling streng en wordt hij opgesloten in een lange barak. Uren achtereen is er exercitie. Sommige jongens zitten er al maanden. Ze saboteren en er breekt chaos uit. De druk op hen om te gaan wordt opgeschroefd. In het parlement worden vragen gesteld. Ze weigeren in Rotterdam de loopplank van de "Zuiderkruis" op te gaan. Na opsluiting in verschillende gevangenissen en gebouwen komt hij na veroordeling met 85 andere weigeraars in het Oranjehotel terecht, ieder in een eigen cel. Hij wordt veroordeeld tot een straf van 3 jaar. Bij zijn vrijlating, precies 3 jaar later, wordt hij door een uitgebreid ontvangstcomité opgewacht.
- Maassen, Jan Arnoldus
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-1571
- Militairen
- Dienstweigering
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer









