
Kuitert, E.
‘Vrijdag 8 Sept kregen we de sensatie van vliegende bommen of raketpijlen wat het dan maar zijn. Ze hebben hier bij Wassenaar een startplaats van die dingen, zodat ze nu dagelijks over onze hoofden snorren,’ schrijft de 22-jarige Elisabeth Kuitert uit Den Haag. Het is september 1944: vanuit Wassenaar wordt Londen bestookt met V2-raketten. Het V2-offensief, dat tot maart zal duren, is net begonnen. Er zullen meer dan 3000 raketten worden afgevuurd. ‘Eerst vonden we het griezelig, maar we zijn er nu aan gewend. Je hoort een geweldig dreunen in de lucht, dan verschijnt er tegelijkertijd in de verte boven de huizen, een vurig langwerpig ding, dat al hoger en hoger stijgt. Is het op z’n hoogtepunt, dan komt er een geweldige rookpluim en het gedonder verdubbeld zich. Dan houd de rook na een tijdje op, het ding verdwijnt snel in de verte. Maar nu zijn er al twee niet goed gegaan. Toen ze op hun hoogtepunt waren hield het dreunen op, het ding ging in een parabool naar beneden, pijlsnel, een poosje later hoorde we een ver verwijderde ontploffing. Vermoedelijk zal hij in zee gestort zijn.’ Elisabeth is de oudste in een welgesteld, christelijk gezin met vier kinderen. Ze werkt op een kantoor en heeft verkering: ‘Gisterenavond was het vreselijk druk op de Laan van Meerdervoort. Allemaal rolschaatsers. Het werkt zo aanstekelijk als je ze allemaal ziet rijden. Als we rolschaatsen konden krijgen zouden Wim en ik het vanavond eens proberen. Maar we konden toch nergens rolschaatsen krijgen.’ In de Hongerwinter schrijft ze: ‘De mensen durven niet meer zo erg in de boschjes te hakken want gister is er weer een jongen op een mijn gelopen, helemaal verscheurd.’ Haar broer heeft hem zien liggen: ‘Het was zo’n vreselijk gezicht zei hij, ’t zou hem z’n leven lang bij blijven.’
- Kuitert, E.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-2205
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer



