Nicolaas (Co) Vink is op 30 juli 1921 in Soerabaja geboren. Zijn moeder komt uit Zaandam, haar drie broers hebben grote boerderijen in de Beemster. Later woont het gezin in Baarn, waar een schilderij van de Zaanse boerderij van zijn grootouders hangt. Hij gaat naar het Baarnsch Lyceum en haalt zijn eindexamen in 1941. Hier raakt hij bevriend met Jaap Jongeneel. Als de Duitsers Hotel de Swaen in Oosterwijk binnenvallen, ontsnapt mij, maar bezeert hierbij zijn knie. Veel later wordt hij hieraan geopereerd. Co ontsnapt uit bezet Nederland net voordat drie Duitsers zijn huis midden in de nacht binnenvallen. Omdat ze hem niet kunnen vinden, nemen ze zijn vader mee, eerst naar Amsterdam, dan naar Amersfoort. Gelukkig wordt zijn vader weer vrijgelaten. Eind oktober 1943 neemt Walter Fugler hem mee naar een kapper in Montmartre. Zijn haar wordt zwart geverfd. Daarna neemt Fugler hem mee naar een kantoor van de Franse Maquis, waar hij een vals persoonsbewijs krijgt op naam van Passereau. Zijn beroep wordt opgegeven als verpleger van een doveninstituut in Lourdes. De volgende dag moet hij 6 doof-stomme 'patiënten' in de trein van het Gare du Sud naar Lourdes begeleiden. Bij de demarcatielijn moet hij Frans spreken met de Duitse controleurs. Er komt echter alleen een Franse controleur, en die vraagt hem niets. In Lourdes worden de zes patiënten door een auto van het instituut opgehaald. Hij vernietigt zijn papieren en ontdekt achteraf dat het geallieerde vliegers zijn. Hij bereikt Pamplona, wordt gearresteerd en belandt in Kamp Miranda, waar hij zijn cel deelt met Rob de Brauw en bevriend raakt met Barthold de Beaufort en diens celgenoot Frans Dijckmeester. Co heeft op 16 maart 1944 Engeland bereikt. Hij is op 3 mei aan de Marine toegewezen. Na zijn officiersopleiding in Quantico wordt hij naar Nederlands-Indië gestuurd. Na de oorlog wordt hij instructeur op de Marinierskazerne Doorn onder kolonel H Lieftinck, daarna emigreert hij naar Washington DC. Zijn echtgenote is in 1999 in Washington overleden. In 2000 bezoekt hij Nederland voor het laatst. In maart 2001 vraagt hij aan Jan Brand om een olieverfschilderij te maken van een boerderij, molen en sloot, wat hem aan zijn moeder doet denken. Het is in juni 2001 klaar. Inmiddels helpt Barthold de Beaufort hem met de aanvraag van zijn pensioen. De Raad van Beroep stelt een beslissing uit en Co wil het overleg bijwonen en stelt zijn reis naar Nederland uit. De Raad vindt zijn verhaal over het transport van de doof-stommen "niet aannemelijk" omdat er geen getuigen van zijn, en weigert zijn pensioen. Co heeft het schilderij niet meer gezien. Co Vink is op 23 juni 2002 overleden. Het schilderij was te zien tijdens zijn herdenkingsdienst op 3 juli. Hun zoon Gregory noemt zich Van der Vink.
Bron: Digitaal Monument Engelandvaarders