
Oorlogsherinneringen
Aan het begin van het verslag in zijn plakboek vat de elfjarige A. Bakker het verloop van de Tweede Wereldoorlog bondig samen: ‘De zaak zat zo in elkaar. Duitsland had eerst Polen genomen, toen nam hij Denemarken, Noorwegen, Nederland, België, Frankrijk, Sudetenland en Oostenrijk. Toen wou hij Rusland verslaan, maar dat is helemaal misgelopen, want door de winter van 1941-1942, die verschrikkelijk was, zijn er Duitschers bevroren en doodgevroren. Toen is hij teruggeslagen tot in Duitsland.’ A. Bakker groeit op in Andel (Noord-Brabant) in een gezin met zes kinderen. Zijn vader is predikant in de kerk aldaar. In zijn gedurende de zomer van 1945 geschreven verslag herinnert Bakker zich de evacuatie van de familie op 16 januari van dat jaar: ‘Het dooide net en het was een verschrikkelijke modder. ’s Avonds laat kwamen we in Brakel aan, daar hebben we geslapen en toen zijn we naar Bommel gegaan. Een paar dagen zijn we daar geweest. Toen naar Zuilichem, daar zijn we drie maanden geweest. Opa en Opoe die in Bommel zijn gebleven zijn hebben daar een granaat in huis gehad. Opoe is getroffen en na een paar uur gestorven. Opa had niks. De Duitschers hadden een vliegende bom uitgevonden, die stuurden ze naar de Engelsen maar een hoop vielen als ze er nog niet waren. Het was eigenlijk een vergeldingswapen! Twee zijn er in Zuilichem gevallen. Na drie maanden mochten we weer naar huis. Het was er een verschrikkelijke bende. De Duitschers hadden verschrikkelijk huisgehouden, er waren dingen stuk, weg en vernield. Toen duurde het nog maar twee weken en waren we vrij!!’ Later wordt A. Bakker, net als zijn vader, predikant.
- Bakker, A.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-1974
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer







